Vanuit Phnom Penh (Cambodja) zijn we aangekomen in Saigon: Een metropool met vijf miljoen inwoners, drie miljoen scooters en de straten vol met “spaghetti” (stroomkabels). Mike heeft dezelfde avond gelijk voetselvergiftiging opgelopen, de kip met rijst was de boosdoener. Dus hebben we een dagje rust gehouden totdat niets meer ongecontroleerd het lichaam verliet. Om niet gelijk te hard van stapel te lopen zijn we naar het voormalig paleis gegaan in de binnenstad. Dit paleis was van belangrijke betekenis voor en tijdens de Vietnam oorlog, omdat hier de machthebbers gevestigd waren. Na veel bling bling en foto’s kijken zijn we naar het oorlogsmuseum gegaan. Deze had een overdosis anti-amerika propaganda en vertelde niks over waarom het allemaal begonnen is, erg teleurstellend.
Een dag later zijn we met een tour naar de Cao Dai Tempels gegaan. We zaten in een busje met een grote Indonesische familie. De zoon was op huwelijksreis en de rest van de familie ging mee
Het was erg gezellig en zo was de twee uur durende busreis snel voorbij. Bij de Cao Dai tempels aangekomen hebben we een mis bijgewoond waarbij verschillende geloven (Boeddhisme, Confucianisme, Islam, Christendom, het Hindoeisme) samen bidden. Wat een prachtig voorbeeld van hoe het ook kan en toeristen zijn hier meer dan welkom om een mis bij te wonen. Dit in tegenstelling met verschillende moskeeen waar wij als niet-moslims niet inmochten (Maleisie, Brunei, Singapore).
Na de mis zijn we naar de Cu Chi tunnels gegaan. Hier hebben de Vietnam Communists (Viet Cong) hevig gevochten met de Geallieerden. Ze verscholen zich in tunnels en gebruikten allerlei akelige vallen. Na een propaganda filmpje over de liefelijke Vietnamezen en de kwaadaardige-Amerikanen hebben we zelf een stuk door een tunnel gelopen, die was aangepast voor de grote Europeanen. Het is erg benauwd en nogsteeds erg smal in de tunnels. De gids had zelf voor de zuid-Vietnamezen gevochten en had boeiende oorlogsverhalen te vertellen. Bij het complex konden we ook schieten met allerlei geweren, wat wij niet gedaan hebben omdat het nogal raar aanvoelt na alle oorlogsverhalen. (Geloof het of niet: In Phnom Penh is er een schietvereniging waar je op kippen kan schieten met allerlei geweren) Na de tour zijn we nog even een hamburger wezen eten en vroeg naar bed gegaan want de bus zou ons de volgende ochtend naar Da Lat brengen.
Niets te zien? Tadaaaaahhhh…. daar is ze!
Na een hele dag in een slome bus te hebben gezeten waren we aangekomen in Da Lat. Tussen de 15 en de 25 graden en veel regen: Het voelt bijna aan als thuis, heerlijk! We hadden wel weer zin in een activiteiten dus hebben we een “bike en hike” tour en Canyoning geboekt. Met de “bike en hike” tour hebben we met de mountainbike een goed uur gefietst om naar een top op 2100 meter te lopen. Vanuit daar hadden we een mooi uitzicht over de stad en de omgeving. We hebben hier geloten van de lunch die onze twee gidsen meegenomen hadden. Vanaf de top hebben we dezelfde tocht teruggemaakt waar we alleen nog gestopt zijn bij een “traditioneel” dorp, die eigenlijk niet zo traditioneel meer is. Na een volmaakte dag zijn we naar ons vertrouwde lokale eettoko gegaan voor een lekkere rijsmaaltijd.
De volgende dag werden we opgepikt van het hotel om te gaan Canyoningen: Ofterwijl een Adrinalinekick krijgen door te abseilen door verschillende watervallen, freejumps te maken en door natuurlijke waterglijbanen naar beneden te glijden. Vooral de sprong vanaf zeven meter hoog in het water was erg gaaf (en eng)!
We zijn de volgende dag met de bus naar Nha Trang gegaan, waar we even bijkomen voordat we naar Hoi An gaan (12 uur met de bus). Nha Trang is kort samengevat: Toeristische, duiken/snorkelen, strand en een biertje drinken. Dus niet echt iets om lang te verblijven.




















































































